Akita rasbeschrijving.
De
Akita is een oud ras, afkomstig van de noordelijke Japanse provincie Akita op
het eiland Honshu.
In de tijd van de Samoerai zou de Akita diens vaste metgezel geweest zijn. De sterke
trouw en genegenheid voor zijn baas heeft ertoe geleid dat de Akita een plaats
is gaan innemen in de Japanse mythologie.
In 1931, na de geduchte uitdunning van het Japanse hondenbestand door een
hondsdolheids epidemie, en door invoering van de hondenbelasting (grote
hoeveelheden honden werden afgemaakt) nam de Japanse regering maatregelen. De
Akita werd onder andere verklaard tot nationaal erfgoed ter bescherming van het
ras.
De export van honden was toen niet langer toegestaan. Na de oorlog werden echter
toch vele honden door de Amerikaanse soldaten die terugkeerden naar hun land,
meegenomen.
Het verhaal van Hachiko, de hond van een
professor aan de universiteit van Tokyo, illustreert de trouw en de
zelfstandigheid van de Akita.

Iedere
dag begeleidde Hachiko zijn baas naar het station en haalde hem daar in de
middag weer op. Op een dag in 1925 kwam zijn baas 's middags niet opdagen. Hij
was overleden aan een hartaanval. Hachiko bleef tot zijn dood naar het station
toekomen om op zijn baas te wachten, 10 jaar lang.
De mensen die op het station werkten en kinderen vonden dit zo ontroerend, dat
ze hem te eten gaven en hem verzorgden. Na zijn dood werd voor het
"Shibyu"station in Tokyo een standbeeld voor hem opgericht. Hachiko
is het onderwerp van veel Japanse kinderboeken
Rasbeschrijving:
De
Akita is goed waaks, een goede jager, geschikt voor vele taken, vrij
onverstoorbaar, past zich aan in nieuwe situaties. De Akita is een jager op
groot wild zoals het Wildzwijn, de zwarte beer en het hert. Hij is een goede
werker, indien gemotiveerd en in eigen tempo. In de omgang met volwassenen is
hij vriendelijk, maar afstandelijk tegen vreemden. Hij heeft graag gezelschap
maar dringt zich niet op. In de omgang met kinderen is hij goed. Kinderen
natuurlijk nooit alleen laten met een hond.
In de omgang met andere honden is een Akita overheersend. Hij benadert honden
op natuurlijke wijze en legt ze graag zijn wil op. Mits goed opgevoed een gehoorzame
hond, echter niet onderdanig. Gaat zijn eigen gang.
Een Akita moet regelmatig flink beweging krijgen. In de ruiperiode regelmatig
borstelen en kammen. De opvoeding van de Akita moet duidelijk en consequent
gebeuren, met veel geduld. Enig fysiek overwicht is noodzakelijk maar een (te)
harde opvoeding heeft een averechts effect.
Kleuren:
Rode Akita Brindle Akita Witte Akita
|
Algeheel voorkomen |
Grote hond, robuust gebouwd, goed van
verhoudingen en met veel substantie. Secondaire geslachtskenmerken bescheiden
gedragen met veel adel en waardigheid. |
|
Proportie |
De verhouding hoogte tot lengte van het
lichaam bedraagt 10:11 |
|
Gedrag en temperament |
Het temperament is bedaard, trouw,
volgzaam en gemakkelijk in de omgang, doch zéér dominant in de omgang met
andere honden. |
|
Hoofd |
Ruime vlakke schedel, aan de voorkant
breed met een duidelijk aangegeven stop en een goed zichtbare rimpel over het
voorhoofd, matig ontwikkelde wangen, matig lange krachtige snuit. De neus is
recht en heeft een dikke zwarte neusspiegel; een lichtere kleur is toegestaan
bij witte honden. Gesloten lippen. |
|
Ogen |
Naar verhouding klein, bijna
driehoekig van vorm, goed uit elkaar geplaatst. Aziatische uitdrukking.
Donker bruin van kleur. Hoe donkerder hoe beter. |
|
Oren |
Naar verhouding klein, dik en
driehoekig, licht naar voren neigend en duidelijk gespitst. Gescheiden door
een matig brede tussenruimte en enigszins afgerond aan de punten. |
|
Gebit |
Krachtig scharend gebit. |
|
Hals |
Dik en gespierd, zonder keelhuid, in
verhouding passend bij het hoofd. |
|
Lichaam |
Hoge schoft, rechte korte rug, brede en
gespierde lendenen, diepe borst en goed ontwikkelde voorborst. Matig gebogen
ribben en goed opgetrokken buik. |
|
Ledematen |
Schouders zijn matig schuin geplaatst
en goed ontwikkeld. Voorbenen zijn recht en zwaar van bot. Ellebogen zijn
tegen het lichaam geplaatst en middenvoeten enigszins schuin. Lange dijen,
korte onderschenkels, sterke spronggewrichten. Matig gehoekt. |
|
Voeten |
Dik, rond en aangesloten. Harde
nagels. Kattenvoet. |
|
Staart |
Hoog aangezet, dik, krachtig gekruld
over de rug gedragen; uitgerold reikt de punt van de staart bijna tot aan het
spronggewricht. De staart moet altijd gekruld zijn, naar rechts, links of
dubbel gekruld. |
|
Gangwerk |
Veerkrachtig en sterke bewegingen. |
|
Vacht |
De bovenvacht is hard en recht, de ondervacht
zacht en dicht. De schouders en de romp zijn bedekt met iets langer haar, het
haar op de staart is langer dan de rest van het lichaam. |
|
Kleur |
Rood, Brindle en wit. Alle kleuren
behalve wit moeten het "Urajiro" vertonen. "Urajiro" is
de witte vacht op de zijkanten van de kaak, onderkant van de kaak, onderkant
van de borst, onderkant van het lichaam, onderkant van de staart en de
binnenzijde van de benen. |
|
Schofthoogte |
Reuen 67 cm, teven 61 cm. Er is een tolerantie
van 3 cm naar boven of naar beneden. |
|
Fouten |
Vrouwelijke lijkende man, mannelijk
lijkende vrouw. Ondervoor- en bovenvoor bijter. Gevlekte tong. Te korte
staart. Zwart masker, markeringen op witte achtergrond (Pinto). Schuwheid
(angst). |
|
Diskwalificerende fouten |
Hangende staart. Hangende oren. Te
lang van haar. |
Binnenkort komt de film Hatchiko uit.
Koop niet impulsief een Akita, maar
vraag eerst uitgebreid informatie bij de NVAI.

Bron: http://www.akitaclub.nl/